contact       sitemap       over CSV

Educatie, voorlichting en begeleiding

Homo/lesbische emancipatie impliceert dat in de lessen seksuele vorming de norm van heteroseksualiteit doorbroken wordt. Er mag niet van worden uitgegaan, dat iedereen in de klas vanzelfsprekend heteroseksueel is of zich dienovereenkomstig gedraagt. Zo kan niet alleen discriminatie van homo’s en lesbiennes worden voorkomen, ook krijgen jongeren met homo- of lesbische gevoelens zo de ruimte hun gevoelens te accepteren.

Criteria voorlichting
Homoseksualiteit komt bij voorkeur geïntegreerd aan de orde als gelijkwaardige keuze ten opzichte van heteroseksualiteit. Vier criteria voor voorlichting over homoseksualiteit binnen seksuele vorming zijn:

  1. gelijkwaardigheid;
  2. volledigheid;
  3. herkenbaarheid;
  4. acceptatie.

De vier criteria voor voorlichting homoseksualiteit

Leerlingenzorg
Homoseksuele personeelsleden, maar ook leerlingen, voelen zich op school vaak achtergesteld en buitengesloten. Dit valt terug te voeren op het gebrek aan identificatiemogelijkheden en het systematisch niet aan de orde stellen van homoseksualiteit in de leerstof. Ook het ontbreken van klassikale en buitenklassikale voorlichting, negerend of discriminerend gedrag van leerlingen en personeel onderling kunnen bijdragen aan dat gevoel van achterstelling.

Begeleiding 
De begeleiding van leerlingen met problemen op dit gebied vereist specifieke deskundigheid van mentoren, leerlingbegeleiders en vertrouwenspersonen. Van hen worden deskundigheid en gespreksvaardigheid verwacht op het gebied van seksuele ontwikkeling van adolescenten. Zo zullen zij bijvoorbeeld leerlingen moeten kunnen opvangen die twijfelen over hun seksuele voorkeur. Daarnaast zullen zij vaardigheden nodig hebben voor de eerste opvang bij seksuele intimidatie.

Deskundige hulp
Seksuele intimidatie is omgeven met een cultuur van zwijgen. Dat maakt de eerste hulpverlening niet gemakkelijk. Slachtoffers die seksuele intimidatie meemaken, willen deze stoppen, maar zij worden door angst, schaamte, en loyaliteit met de dader weerhouden erover te praten en direct hulp te zoeken. Als het slachtoffer homoseksueel is, maar zijn of haar eigen seksualiteit niet geaccepteerd heeft, zal het nog moeilijker worden over het gebeurde te vertellen. Verwijzing naar een hulpverleningsinstantie waar ook deskundigheid is op het gebied van homoseksualiteit, is dan noodzakelijk.

Beleid en beheer: een veilige school
Het uitkomen voor homoseksualiteit door leerlingen en personeelsleden vereist een veilige sfeer op school. Het schoolmanagement kan in haar beleid voor de omgang met elkaar en regels over discriminatie, de visie van de school hierop verduidelijken en een veilige sfeer bevorderen. De schoolcultuur, de sfeer op school, lesinhouden en projecten en het (voorbeeld)gedrag van het schoolpersoneel hebben grote invloed op leerlingen. In de school is het nodig dat in de omgang met elkaar hetero- en homoseksualiteit gelijkwaardig zijn. De schoolleiding kan dit zichtbaar maken bijvoorbeeld in de schoolkrant, het boekenbestand van de schoolbibliotheek en posters op het prikbord. Bij de keuze van theatervoorstellingen, films en andere cultuuruitingen op school kan gelet worden op uitingen die getuigen van een gelijkwaardige opstelling tegenover homo- en heteroseksualiteit.

  • Homoseksuele leerling: "Bovendien is het prettig voor scholieren die zelf homoseksueel zijn, als er op school over gepraat wordt. Zelf heb ik wel drie films gezien over het voorkomen van zwangerschap. Nou dat gaat vervelen, hoor."
  • Homoseksuele leraar: "Het gebeurde regelmatig wanneer ik op school aankwam, dat leerlingen over het schoolplein schreeuwden en scholden: ‘Hé, vieze vuile flikker’ en ‘kankerhomo’. De schoolleiding reageerde niet op scheldpartijen. Er stonden geen sancties op discriminerende uitlatingen van leerlingen."