contact       sitemap       over CSV

Wet- en regelgeving, internationaal perspectief en toezicht

Met ingang van 1 februari 2006 zijn scholen wettelijk verplicht aandacht te besteden aan ‘actief burgerschap en sociale integratie’. Maar wat is burgerschap precies en wat verwacht de overheid op dit punt van scholen?

Achtergronden van burgerschap
Door de toenemende individualisering zijn mensen steeds minder betrokken op elkaar. Dit vormt een bedreiging voor de samenhang in de samenleving. De overheid heeft daarom besloten actief burgerschap en sociale integratie hoog op de agenda te zetten, ook in het onderwijs. Doel is jongeren voor te bereiden op deelname aan een pluriforme samenleving. Het gaat daarbij niet alleen om kennisoverdracht, maar ook om ervaringsleren, om actief burgerschap: burgerschap leert men door het te doen, door te ervaren wat het is, door feitelijke sociale bindingen met elkaar in de school en met de omgeving aan te gaan.

Burgerschap in Europees perspectief
2005 was het Europees Jaar van Burgerschap door Onderwijs en Vorming. Het Nederlandse initiatief staat dus niet op zichzelf. In diverse lidstaten van de Europese Unie worden initiatieven genomen om burgerschap een plaats te geven in het onderwijsprogramma.

Wettelijk kader
Aandacht voor actief burgerschap en sociale integratie is vastgelegd in de verschillende onderwijswetten. In de Wet op het primair onderwijs (artikel 8.3) en Wet op het voortgezet onderwijs (artikel 17) is het als volgt geformuleerd:

Het onderwijs:
a. gaat er mede van uit dat leerlingen opgroeien in een pluriforme samenleving,
b. is mede gericht op het bevorderen van actief burgerschap en sociale integratie, en
c. is er mede op gericht dat leerlingen kennis hebben van en kennismaken met verschillende achtergronden en culturen van leeftijdgenoten.

Definitie actief burgerschap
De Directie Primair Onderwijs (OCW) verwoordt het begrip actief burgerschap als volgt: "Actief burgerschap is het kúnnen en wíllen deelnemen aan de samenleving. Burgerschap gaat over diversiteit, acceptatie en tolerantie. Het vraagt ook reflectie op het eigen handelen, een respectvolle houding en een bijdrage aan de zorg voor je omgeving."

Toezicht Onderwijsinspectie
De Inspectie van het Onderwijs controleert per 1 oktober 2006 scholen of ze aan de wettelijke opdracht voldoen. Daarbij zal een goed evenwicht worden gezocht tussen de vrijheid van scholen enerzijds en anderzijds het toezicht op de naleving van de algemene opdracht. Zo moet de school bijvoorbeeld rekening houden met de lokale omgeving, de samenstelling van de leerlingen en de wensen van ouders, binnen de grenzen van wet en regelgeving.