Let op: onze helpdesk is gesloten vanaf maandag 26 juli tot en met zondag 22 augustus. Voor dringende vragen in deze periode kun je contact opnemen met het bedrijfsbureau: 030-2856531 of secretariaat@schoolenveiligheid.nl.

Bij een ernstige calamiteit kun je telefonisch contact opnemen met een van de crisisadviseurs van het calamiteitenteam:  Ine Spee, 06-44525101 of Lynn Louwe, 030-2856513 (niet tussen 26 juli t/m 6 augustus).

Helpdesk
Winkelwagen

Heb je een leerling in de klas waarvan je weet dat deze transgender is? Of gaat het gesprek over gender en transgender? Onderstaande tips helpen om het veilig te houden. Een volledige toolkit is in de maak bij het Transgender Netwerk Nederland (TNN). Zij lazen mee met dit artikel dat tot die tijd een goed uitgangspunt is.

Wat is ‘trans’?

Kort door de bocht ben je ‘cisgender’ als je je identificeert met het geslacht dat bij je geboorte werd genoteerd. Nog korter door de bocht ben je ‘transgender’ als dat niet het geval is. Dat is waarschijnlijk voor één of twee procent van de Nederlanders het geval. Wij spreken in dit artikel weinig precies over ‘trans leerlingen’.

Hoe het echt zit, staat goed uitgelegd in de folder ‘Transgender in de media’ van TNN. Ook maken we in dit overzichtsartikel geen verschil tussen de situatie op de basisschool, het voorgezet onderwijs en het mbo. Wij hopen dat iedere leraar dit verhaal zelf kan vertalen naar de eigen situatie.

Praten in de klas over de T van lhbt

Als leraar ben je verantwoordelijk voor de sociale veiligheid van alle leerlingen. Seksuele integriteit is daar een onderdeel van. Als leraar wil je een veilige sfeer creëren waarbinnen leerlingen kunnen leren om bewust, respectvol en verantwoordelijk om te gaan met hun eigen gender en seksualiteit en die van de ander. Praten over het onderwerp ‘trans’ leert leerlingen om zich integer en respectvol te gedragen, maar vraagt wel om zorgvuldigheid.

  • Bedenk dat het goed mogelijk is dat er op school of in je klas een trans leerling rondloopt die in de kast zit. Als er op school ook geen andere openlijke trans personen zijn, is het voor de andere leerlingen extra moeilijk om te leren respectvol te praten over trans personen. ‘Begrenzen & uitnodigen’ is hiervoor een oplossing (zie verderop in dit artikel).
  • Op het moment dat er wel een openlijke trans leerling in de klas zit, is het een uitdaging om het gesprek zo te voeren dat ook deze leerling zich daar veilig bij voelt. Als je een les wilt geven over dit onderwerp, betrek deze leerling daar dan vooraf bij. Wat is prettig? En zorg na de les voor goede begeleiding.

“Ik wilde als biologieleerkracht graag een les geven over transgender. Mijn leerlingen moeten daar iets over weten. Vooraf overlegde ik met Peter. Hij is een openlijke trans jongen op onze school. Het raakte mij dat de andere leerlingen tijdens de les zo respectvol naar Peter toe waren. Ze kozen zorgvuldig hun woorden om hun mening onder woorden te brengen, ook als deze tegen transgender was. Peter was stil tijdens de les. Later dacht ik: ik had er nog even op terug moeten komen bij hem.” (Gehoord tijdens een schoolbezoek.)

Een trans leerling in de klas: tips

Neem als uitgangspunt het respect voor wie je leerling is en zie deze trans leerling als ‘één geheel’. Het kind wil niet als ‘een trans’ bekend staan, maar meestal als een jongen of een meisje. Sommige kinderen willen het liefst helemaal niet met geslacht worden aangesproken. Noem de leerling dus zoals deze zelf op dat moment genoemd wil worden. Corrigeer daarin zo nodig de andere leerlingen.

Respecteer de privacy van de leerling. Laat een trans leerling in zijn/haar/hun waarde en laat het bij de leerling zelf om eventueel met informatie te komen. Geef dus in de klas in principe geen aandacht aan de transitie, tenzij de leerling dit zelf wil en dan alleen in nauw overleg.

Als je in de klas praat over transgender – ook als je geen trans leerling kent – kun je de leerlingen eens vragen of zij het prettig zouden vinden als ‘random mensen’ hen van alles over hun geslachtsdelen en seksleven zouden vragen. Niet dus. Vraag dat dus ook niet aan een trans jongere.
Heel concreet betekent dit dat je geen vragen stelt zoals: Hoe heette je voor je transitie? /  Mogen we een foto van je hebben van voor je transitie? / Welke operaties heb je gehad? / Hoe heb je seks? / En vraag vooral niet: Laat je je nog ombouwen?

Hetzelfde geldt voor ‘complimenten’. Een complimentje krijgen is best fijn, maar soms kan een compliment vooroordelen uitdragen: Wat ben je goed gelukt / Ik kan het echt niet aan je zien / Je bent zo dapper / Wat ben je vrouwelijk/mannelijk. Deze ‘complimenten’ bevestigen bovendien de normatieve beelden over mannen en vrouwen, ook voor andere leerlingen. Niet iedereen voelt zich daar goed bij.
Alle leerlingen zullen bovenstaand principe herkennen als je het vertaalt naar complimenten zoals: Goh, wat ben jij knap zonder bril / Wat spreek jij goed Nederlands (tegen een donker gekleurde leerling).

Iedere opgroeiende jongere wil uiteindelijk een eigen leven opbouwen. Een trans jongere wil (na de transitie) een leven opbouwen dat nu wèl goed past. Het is daarvoor niet helpend als anderen ze blijven aanspreken op ‘dat kind van vroeger’. Veel leerlingen zullen dat op de een of andere manier zelf ook herkennen.
Als je een klas met trans leerling hebt, kun je dit met de leerlingen bespreken voordat ze uitwaaieren na groep 8 of aan het einde van de middelbare school: geef Marietje of Pietje de kans om ook op díe manier naar haar/zijn nieuwe school te gaan en praat niet tegen nieuwe klasgenoten over het verleden. Dat kunnen ze altijd zèlf besluiten om te vertellen, of niet.

Ten slotte: het belangrijkste is om trans leerlingen regelmatig te laten weten dat je er voor ze bent. Blijf als leraar / zorgcoördinator gewoon oprecht; laat weten dat je dingen soms ook niet goed snapt of nog niet weet, maar dat je je best wilt doen en open staat voor je leerling.

Om rekening mee te houden

Over het algemeen zijn trans leerlingen onveiliger dan andere leerlingen. Twee tot zes keer vaker dan andere leerlingen worden zij gepest of ervaren zij een vorm van geweld (zie ‘Sociale veiligheid in en rond scholen’). Onderzoek of dit ook op jouw school zo is. Maak aan het begin van het schooljaar afspraken hoe je hiermee omgaat.

Wees er als zorgcoördinator (en zorgadvies-team) van bewust dat een leerling in transitie begeleiding nodig heeft. Zo kan een puberjongen in transitie nog niet in alles met de andere jongens meedoen bij gym. Voor zijn ontwikkeling heeft hij aandacht en geïnformeerd begrip nodig. Stem dan ook af met de betrokken leraar lichamelijke ontwikkeling. TNN pleit voor een zorgcoördinator die vanaf het begin van de transitie betrokken is bij de leerling, tot ruim daarna. Het is verstandig om het welzijn van de trans leerling met een wakend oog te blijven volgen. Meer kennis kun je verwerven door middel van de e-learning voor zorgprofessionals ‘Jong en Transgender, praktische handvatten om genderdiversiteit bespreekbaar te maken’ (deze duurt vijftien minuten).

Online chantage, zoals NikkieTutorials in januari 2020 overkwam, komt vaker voor. Ook op seks- en relatie-apps worden jongeren soms gedwongen om geld te geven of seksuele handelingen te verrichten. Licht als vertrouwenspersoon de klassen voor dat chantage strafbaar is. Wie hiermee in aanraking komt, kan aangifte doen. Zie voor meer informatie de stappen van Helpwanted. (Overigens is het ook zonder chantage verre van integer om iemand ongewild ‘uit de kast te trekken’.)

Meer over ‘kwetsbare onderwerpen’

Om in de klas het gesprek over een kwetsbaar onderwerp veilig te kunnen voeren, kan de methode van ‘begrenzen & uitnodigen’ behulpzaam zijn. Met deze methode leer je op een doeltreffende manier kwetsende opmerkingen te begrenzen en tegelijkertijd het gesprek te stimuleren over de achterliggende wereld van denkbeelden, emoties en motieven. Dit met elkaar uit te wisselen, schept een veilige sfeer. Leerlingen nemen daardoor een kijkje in de wereld van hun medeleerlingen. Daardoor kunnen begrip en respect ontstaan.

Een veilige sfeer maak je niet in één keer. Daarvoor is een cultuur nodig waarbij je als leraren meer bewust en doorlopend reageert. Doe met een aantal collega’s ‘De Kijkroute’, met video’s over pedagogisch vakmanschap bij seksuele integriteit. Deze laten reacties en reflecties zien van leraren tijdens een willekeurige les. Door mogelijkheden van reageren met elkaar te bespreken, verrijk je elkaars vakmanschap.

Een belangrijke reden waarom leerlingen moeite hebben met seksuele diversiteit en mensen in transitie, is een gevoel van onzekerheid over genderdiversiteit. Wanneer je als jongen meer vrouwelijke eigenschappen hebt. Of wanneer je ergens tussen jongen en meisje in zit. Wees in je taal, voorbeelden en reacties een voorbeeld. Lees verder


Meer informatie

 

Wij zijn Stichting School & Veiligheid. Wij ondersteunen scholen bij het bevorderen van een sociaal veilig klimaat. Dit doen wij door:

Creëer een sociaal veilige sfeer op school