Let op: onze helpdesk is gesloten vanaf maandag 26 juli tot en met zondag 22 augustus. Voor dringende vragen in deze periode kun je contact opnemen met het bedrijfsbureau: 030-2856531 of secretariaat@schoolenveiligheid.nl.

Bij een ernstige calamiteit kun je telefonisch contact opnemen met een van de crisisadviseurs van het calamiteitenteam:  Ine Spee, 06-44525101 of Lynn Louwe, 030-2856513 (niet tussen 26 juli t/m 6 augustus).

Helpdesk
Winkelwagen

Dit artikel gaat in op het signaleren van radicalisering binnen het onderwijs. Het schetst kanttekeningen, geeft tips en verheldert signalen waar je als onderwijsprofessional op kunt letten. 

Signaleer bewust 

Zijn er bepaalde gedragingen en uiterlijke kenmerken op basis waarvan radicalisering bij leerlingen kan worden gesignaleerd? Dat is een van de meest gestelde vragen over radicalisering. Helaas, een eenduidig profiel met bijbehorende checklist bestaat niet. Toch zijn er wel degelijk bepaalde zaken waar je als onderwijsprofessional op kunt letten. Deze komen in dit artikel aan de orde. Maar wees voorzichtig met het duiden van signalen. 

  • Let op dat je polarisatie niet in de hand werkt. Het zijn niet alleen jongens en/of moslims die radicaliseren. Er kan bijvoorbeeld ook sprake zijn van radicalisering richting rechts- of links extremisme. 
  • Orthodoxie hoeft niet hand in hand te gaan met radicalisering. 
  • Een zoektocht naar waarden en geloof kun je ondersteunen. Het is raadzaam dit te doen. Internet is de aangewezen plek is waar de zoekende jongeren geconfronteerd worden met radicale perspectieven. 
  • Dat leerlingen bepaalde opvattingen hebben, hoeft nog geen actie te betekenen. En actie hoeft nog geen strafbaar feit te zijn. Radicalisering is soms ook de drijvende kracht achter maatschappelijke veranderingen. 
  • Bespreek signalen met collega’s. Ga eventueel te rade bij externen die deel uitmaken van het leven van de leerling: de voetbalcoach, de voorganger in de moskee, etc. Een afzonderlijk signaal is niet alarmerend, meerdere signalen vanuit verschillende invalshoeken kunnen wel een zorgwekkend beeld geven. 
  • Als er sprake is van ronselen of vermoedens van vertrekken naar bijv. Syrië, leg dan direct contact met de contactpersoon van (het meldpunt van) de gemeente en/of de wijkagent. 

Als je iets signaleert, dan vraagt dat in ieder geval om een pedagogisch antwoord. Laat zien dat je het gedrag signaleert en het gesprek daarover wilt aangaan. 

Signaleer een eventuele voedingsbodem 

Een radicaliseringsproces ontstaat niet zomaar. Vaak is er sprake van een voedingsbodem. Die kan bestaan uit gevoelens en ervaringen van achterstelling, discriminatie, onrecht en uitsluiting. Dit kan direct ontstaan – uit eigen ervaring – maar ook indirect – via de media en horen-zeggen. Een item in het journaal over Syrische vluchtelingen of over Palestina kan zulke gevoelens oproepen. 

Nederlands-Marokkaanse jongeren worden veel vaker afgewezen voor een stageplek dan Nederlandse jongeren. Dat doet iets met hun gevoelens van onrecht.

Ook andere factoren kunnen bijdragen aan radicalisering: een slecht sociaal netwerk, een persoonlijke crisis, slechte schoolprestaties en/of arbeidskansen en psychische problematiek. Daarnaast zitten jongeren midden in hun identiteitsontwikkeling en worstelen ze met allerlei levensvragen. Deze factoren kunnen zorgen voor een zogeheten ‘cognitieve opening’. Daardoor worden ze vatbaar voor o.a. radicale ideologieën. Zie het vraag- en aanbod model (Recognising Radicalisering, 2008): 

Signalen in het proces van radicalisering 

Vanuit deze voedingsbodem kan een proces van radicalisering op gang komen. In zo’n proces zijn verschillende fasen te onderscheiden, met bijbehorende signalen waar je op kunt letten. Let wel, het proces verloopt vaak grillig en leidt niet altijd tot extremisme. Het model van De Wolf en Doosje (2013) uit de publicatie Puberaal, lastig of radicaliserend laat duidelijk de signalen zien en wat dit betekent voor interventies op school. 

De verschillende signalen hebben betrekking op de volgende gebieden:

  • De houding tegenover de maatschappij en autoriteiten
  • Het gebrek aan of toenemend gevoel ergens bij te horen
  • Vriendengroep
  • Kleding en uiterlijk
  • Woordgebruik
  • Manier van contact maken
  • Schoolprestaties
  • Schoolverzuim
  • Vrijetijdsbesteding

Ik heb het meegemaakt… Een jongen uit onze klas is vertrokken naar Syrië. Ik heb het echt niet doorgehad!

Veranderingen op deze gebieden kunnen wijzen op radicalisering. Bij een combinatie van signalen uit meerdere leefcirkels (familie, school, vereniging, …), is er mogelijk wat aan de hand. Realiseer je dat sommige leerlingen heel goed weten welke dingen ze wel en niet moeten zeggen of laten zien om niet op te vallen. Ondanks je oplettendheid en goede wil, kun je het voornemen van een leerling om uit te reizen missen. Dat is spijtig en kan erg heftig zijn, maar je kunt niet alles zien. Het enige dat je nog kunt doen, is de politie ervan in kennis te stellen. 

Pedagogische interventies 

Een radicaliseringsproces verloopt grillig. Het is nooit ‘te laat’ om iets te doen. Zolang de jongere nog op school is, zijn er (pedagogische) acties die je kunt doen. Maar wat dan? 

  • Bespreek signalen en niet-pluisgevoelens over een leerling met een collega. Het niet-pluisinstrument, een intervisie-instrument, kan daarbij helpen. Het instrument zorgt er door het uitwisselen van informatie en het delen van waarnemingen voor dat er een vollediger beeld wordt gevormd van de jongere in kwestie. Op die manier kan er een goede inschatting gemaakt worden over al dan niet terechte zorg, de te nemen acties en het inschakelen van het netwerk. 
  • Ontwijk het gesprek niet met de leerling in kwestie. Bespreek je observaties en vraag open hoe het gaat. Om je op weg te helpen hebben we enkele tips en handreikingen verzameld om dit gesprek aan te gaan. Lees het infoblad Radicalisering: het individuele gesprek aangaan.
  • Realiseer je dat er grenzen zitten aan de taak en de rol van de school. Mocht de leerling waar jij je zorgen over maakt, bijvoorbeeld al niet meer op school komen, dan kun je in dat geval niet meer doen dan een melding maken bij je collega’s en het eventueel delen van je bevindingen met de politie.

 

Wij zijn Stichting School & Veiligheid. Wij ondersteunen scholen bij het bevorderen van een sociaal veilig klimaat. Dit doen wij door:

Creëer een sociaal veilige sfeer op school