Helpdesk
Winkelwagen

Een goed aangiftebeleid maakt het schoolveiligheidsplan compleet en draagt bij aan de veiligheidsbeleving van medewerkers en leerlingen. Daarnaast zorgt het ervoor dat schoolpersoneel snel en eenduidig handelt op het moment dat het nodig is. In dit artikel lees je welke handelingsmogelijkheden je als onderwijsdirectie hebt. Wanneer doe je aangifte en wanneer niet? En hoe maak je die afweging?

Let op: Ouders die aangifte willen doen van een zaak waarbij hun kind is getroffen, verwijzen wij graag naar Ouders & Onderwijs en/of de politie.

In dit artikel komen achtereenvolgens de volgende onderdelen aan bod:

 

1. Hoe een goed aangiftebeleid bijdraagt aan schoolveiligheid

Iedereen die werkt binnen het onderwijs weet dat een veilige omgeving voor leerlingen en personeel van groot belang is om te kunnen leren en werken. Een duidelijk aangiftebeleid draagt daaraan bij. Leerlingen en personeel voelen zich veiliger als duidelijk is vastgelegd waar de grenzen liggen en wat er gebeurt als iemand deze overschrijdt.

Een goed aangiftebeleid zorgt ook voor objectiviteit. Soms vindt er een incident plaats dat zo ernstig is dat je aangifte moet doen. Op die momenten moet het voor iedereen duidelijk zijn dat die acties volgen uit het veiligheidsbeleid van de school en dat het niet gaat om persoonlijke overwegingen.

Schoolveiligheidsplan

Iedere onderwijsinstelling heeft een veiligheidsplan waarin staat omschreven hoe de school de sociale veiligheid waarborgt. Het aangiftebeleid maakt daar deel van uit. Het schoolbestuur draagt zorg voor de ontwikkeling van dit beleid; de schooldirectie is verantwoordelijk voor de uitvoering ervan.

Wel of geen aangifte doen?

Het is niet altijd eenvoudig om te bepalen welke incidenten de school zelf kan oplossen en van welke incidenten aangifte gedaan kan of moet worden. Dit heeft te maken met de specifieke onderwijscontext: het gaat immers om kinderen en jongeren. Het opzoeken van grenzen en het maken van verkeerde keuzes horen bij het opgroeien.

Voorbeelden van strafbare feiten zijn onder meer: Fysiek geweld, discriminatie, seksuele intimidatie en misbruik, vernieling, wapenbezit en drugs. Lees meer hierover in hoofdstuk 3: Wat zijn strafbare feiten? en hoofdstuk 5: Moet je aangifte doen of niet?

Wie kan aangifte doen?

Bij een strafbaar feit op school, zijn er verschillende mensen die aangifte kunnen doen:

  • De onderwijsinstelling als getroffene: De onderwijsinstelling is getroffene als er bijvoorbeeld sprake is van vernieling of diefstal van schooleigendommen. Lees meer hierover in hoofdstuk 7, procedure 1.
  • De onderwijsinstelling als betrokkene: Vind je het als instelling belangrijk om aangifte te doen van een bepaald incident, terwijl het getroffen personeelslid zelf heeft besloten dat niet te doen? Dan kun je als ‘betrokkene’ aangifte doen van het incident. In principe kan namelijk iedereen die weet heeft van een strafbaar feit daarvan aangifte doen. Lees meer hierover in hoofdstuk 7, procedure 2. Let op: bij (het vermoeden van) een zedendelict tussen een medewerker van de school en een minderjarige leerling ben je als werkgever verplicht aangifte te doen.
  • Een personeelslid als getroffene: Het slachtoffer kan zelf aangifte doen. Lees meer hierover in hoofdstuk 7, procedure 3. Leerlingen of hun ouders die aangifte willen doen, verwijzen wij naar Ouders & Onderwijs en/of de politie. In dit artikel beschrijven wij alleen de procedures voor onderwijspersoneel.
  • De onderwijsinstelling als werkgever: De onderwijsinstelling kan als werkgever aangifte doen namens een personeelslid dat het slachtoffer is van een incident. Dat kan in twee gevallen: (1) het slachtoffer wil aangifte doen, maar is zelf psychisch of fysiek daar niet toe in staat; of (2) je wilt het slachtoffer werk uit handen nemen. Als je namens een werknemer aangifte doet, heb je een schriftelijke verklaring van hem of haar nodig. Voor het slachtoffer is het belangrijk te weten dat de politie de werknemer soms wel nog nader wil horen. Lees meer hierover in hoofdstuk 7, procedure 4.

Tips en aandachtspunten voor een duidelijk aangiftebeleid

In dit hoofdstuk las je waarom een duidelijk aangiftebeleid nodig is, wanneer je aangifte kunt doen, en wie er aangifte kan doen. Maar hoe zet je een goed aangiftebeleid op? Deze tips en aandachtspunten helpen je op weg.

  • Sta als directie/werkgever achter het personeelslid dat aangifte doet en biedt daarbij actief steun aan.
  • Laat de beslissing om aangifte te doen niet alleen afhangen van een slachtoffer zelf. Als directie/werkgever ben je verantwoordelijk voor de veiligheid van leerlingen en onderwijspersoneel. Daarmee ben je ook verantwoordelijk voor de reactie van de school op strafbare feiten, zoals bijvoorbeeld agressie en geweld. Laat betrokkenen weten dat de onderwijsinstelling als werkgever aangifte kan doen namens het getroffen personeelslid.
  • Bepaal van welke incidenten de school aangifte doet en leg dat vast. Bij lang niet alle incidenten is meteen duidelijk of aangifte noodzakelijk of wenselijk is. Bij twijfel kun je altijd overleggen met de politie. Doe in ieder geval altijd aangifte na ernstig geweld of een ernstige bedreiging. Lees meer hierover in hoofdstuk 5: Moet je aangifte doen of niet?
  • Zorg voor draagvlak onder onderwijspersoneel over de incidenten waarvan de directie/werkgever aangifte doet. Organiseer bijeenkomsten om gezamenlijk tot deze afspraken te komen.
  • Zorg naast de aangifte ook voor de interne afhandeling van het incident, zoals sancties voor de dader(s), zorg en opvang voor het eventuele slachtoffer, registratie van het incident en de vervolgstappen.
  • Maak afspraken over de te volgen procedure bij het melden van incidenten of relevante signalen. Zorg dat incidenten altijd gemeld worden bij de schooldirectie of een vast contactpersoon die met deze taak is belast. Spreek af wie verantwoordelijk is voor het doen van aangifte. Lees meer hierover in hoofdstuk 2: Hoe handel je bij een incident?
  • Zorg voor een vaste contactpersoon bij de lokale politie, bijvoorbeeld een wijkagent. Maak met hem of haar afspraken over de aangifteprocedure. Dit versoepelt en versnelt het doen van aangifte en maakt de verdere afhandeling van de aangifte voor de school veel eenvoudiger.

2. Hoe handel je bij (de melding van) een incident?

Leraren weten in de meeste gevallen vanuit hun pedagogische handelen hoe met incidenten om te gaan. Maar soms overschrijdt een incident de geldende normen binnen de school. Wat doe je dan?

Het doen van aangifte kan een duidelijk signaal afgeven, zowel tegenover de dader als tegenover de gehele schoolgemeenschap. Hiermee trekt de schooldirectie een grens die op dat moment van belang is voor de veiligheid en de veiligheidsbeléving van leerlingen en medewerkers.

Los van het eventueel doen van aangifte, moet er binnen de school aandacht zijn voor het omgaan met dader(s) en slachtoffer(s). In het aangiftebeleid van school kun je vastleggen in welke situaties de directie/werkgever aangifte doet, en welke aandacht zij besteedt aan dader én slachtoffer. Zo is voor iedereen duidelijk waar de grenzen liggen en wat er gebeurt als iemand een grens wordt overschrijdt.

“Leraren weten in de meeste gevallen vanuit hun pedagogische handelen hoe met incidenten om te gaan. Maar wat doe je bij incidenten die normen overschrijden?”

Als een incident plaatsvindt, moeten onderwijsprofessionals dat melden bij de schooldirectie. Die is verantwoordelijk voor de uitvoering van het aangiftebeleid dat door het schoolbestuur is ontwikkeld. Na het doen van de melding, moet de directie/werkgever zorgen voor (minimaal) de onderstaande zaken:

  • Regel opvang van en zorg voor slachtoffer(s);
  • Tref sancties richting de dader(s) zoals deze omschreven staan in het veiligheidsplan;
  • Registreer het incident op de manier zoals dat is vastgesteld het integraal veiligheidsbeleid.

Het is aan de directie/werkgever om af te spreken wie welke van deze taken voor zijn rekening neemt.

3. Wat zijn strafbare feiten in het onderwijs?

Je kunt alleen aangifte doen bij het (het vermoeden van) een strafbaar feit. Maar wat zijn strafbare feiten die op school kunnen plaatsvinden? Dat is niet altijd eenvoudig, zeker niet op school. Je hebt te maken met kinderen en jongeren, die zich nog ontwikkelen. Het opzoeken van grenzen en het maken van verkeerde keuzes horen bij het opgroeien.

Hieronder noemen wij een aantal situaties waarvan je aangifte kunt doen. Deze lijst is niet volledig; het geeft een beeld. Neem bij twijfel contact op met de politie.

  • Bedreiging: verbaal of non-verbaal dreigen om schade toe te brengen aan mensen of eigendommen. Denk aan het bedreigen van een docent of medeleerling (fysiek of via de sociale media), het dreigen iets kapot te maken of aan het dreigen met een wapen (zie ook wapenbezit).
  • Diefstal: het stelen van goederen. Dit kan gaan om eigendommen van de school, maar ook om eigendommen van personeel of leerlingen die op school zijn gestolen.
  • Discriminatie: het opzettelijk, op negatieve wijze, onderscheid maken op grond van geslacht, huidskleur, geloofsovertuiging of seksuele geaardheid.
  • Drugs: drugsbezit en drugshandel zijn strafbaar. Scholen kunnen aangifte doen wanneer een leerling drugs in zijn kluisje heeft, bij zich draagt of op school verkoopt. Lees meer over controle op wapens, drugs en alcohol op school.
  • Fysiek geweld: duwen, trekken, schoppen, slaan enzovoorts met pijn of letsel als gevolg.
  • Grove pesterijen: herhaaldelijk pesten waarbij sprake is van psychisch geweld (bedreiging, belediging) of fysiek geweld (mishandeling). Denk hierbij ook aan digitaal pesten (via internet en sociale media), ook wel bekend als cyberbullying.
  • Seksuele intimidatie en misbruik: (dreigen met) verkrachtingen en ontuchtige handelingen. Let op: bij (het vermoeden van) een zedendelict tussen een medewerker van de school en een minderjarige leerling is de directie/werkgever verplicht aangifte te doen. Lees meer over Communicatie na seksueel grensoverschrijdend gedrag door een schoolmedewerker.
  • Vernieling: het opzettelijk vernielen, beschadigen of onbruikbaar maken van goederen. Denk aan het ingooien van de schoolramen of het kapot maken van een mobieltje van een leerling of medewerker.
  • Wapenbezit: dit betreft niet alleen vuurwapens en steekwapens, maar ook bijvoorbeeld pepperspray of nepwapens. Lees meer over controle op wapens, drugs en alcohol op school. 

4. Stroomschema: van incident tot melding of aangifte

Het stroomschema leidt je door de keuzes die je achtereenvolgens tegenkomt als je overweegt aangifte te doen van een incident op school. Heb je besloten aangifte te doen, dan kunnen verschillende partijen dat doen – afhankelijk van de situatie en het aangiftebeleid van de school. Onder het stroomschema zelf lichten wij in hoofdstuk 5 de verschillende onderdelen uit het stroomschema toe.

Stroomschema aangifteprocedure onderwijs
Klik op afbeelding voor grotere versie

5. Moet je aangifte doen?

Wanneer doe je als directie/werkgever aangifte en wanneer niet? Dat verschilt per situatie en per incident.

Het incident is niet strafbaar
Als het incident niet strafbaar is, kun je geen aangifte doen. Wél kun je ervoor kiezen om een melding te maken bij de politie. De politie stelt dan geen onderzoek in, maar registreert het incident wel. Dat draagt bij aan de veiligheid omdat:

  1. politie-inzet wordt bepaald door het aantal meldingen in een bepaald gebied en
  2. er meerdere meldingen geregistreerd kunnen zijn over dezelfde verdachte, zodat de politie een dossier opbouwt.

Bovendien is het ook bij een melding mogelijk dat de politie de verdachte aanspreekt op zijn of haar gedrag. Zowel het slachtoffer, de directie/werkgever of een willekeurige collega kan de melding doen.

Het incident is strafbaar
Bij een strafbaar feit, kan men aangifte doen. Wie dat doet, hangt af van de situatie. Als de school zelf getroffen is – bijvoorbeeld wanneer eigendommen van de school vernield of gestolen zijn – dan kan de directie/werkgever aangifte doen als getroffene. Wat je dan moet doen, staat in hoofdstuk 7, procedure 1.

Als een personeelslid of leerling is getroffen, zijn er verschillende opties: de directie/werkgever kan aangifte doen als betrokkene (zie hoofdstuk 7, procedure 2), de getroffene zelf kan aangifte doen (zie hoofdstuk 7, procedure 3) of de directie/werkgever kan námens het personeelslid aangifte doen (zie hoofdstuk 7, procedure 4). Let op: bij (het vermoeden van) een zedendelict tussen een medewerker van de school en een minderjarige leerling is directie/werkgever verplicht om aangifte te doen. Lees meer over Communicatie na seksueel grensoverschrijdend gedrag door een schoolmedewerker. Meer over het doen van aangifte staat in het volgende hoofdstuk.

Je twijfelt of het incident strafbaar is of niet
Als je twijfelt of een incident strafbaar is, neem dan contact op met de politie. Leg de situatie voor en overleg over hoe je het beste kunt handelen. Je kunt de politie ook vragen om navraag te doen bij de (hulp)officier van politie over de strafbaarheid van het incident.

6. De stappen vóór het doen van aangifte

Stap 1. Verzamel alle informatie

Verzamel zoveel mogelijk informatie over het incident, zodat politie, officier van justitie en rechter zich een goed beeld kunnen vormen van de gebeurtenissen. De 7 w’s vormen hiervoor een goede leidraad:

  • Wie kunnen in verband worden gebracht met het incident?
  • Wat is er precies gebeurd?
  • Waar is het strafbare feit gepleegd en waar zijn eventuele sporen achtergebleven?
  • Waarmee is het strafbare feit gepleegd (welke voorwerpen/middelen zijn gebruikt)?
  • Op welke wijze heeft het incident plaatsgevonden?
  • Wanneer heeft het incident plaatsgevonden en wanneer hebben andere relevante feiten plaatsgevonden?
  • Waarom heeft het strafbare feit plaatsgevonden?

TIP: Denk bij het verzamelen van informatie ook aan prints (screenshots computer), foto’s (bijvoorbeeld van de vernieling of van het letsel van het slachtoffer), camerabeelden en de verklaring van een arts of een getuige.

Stap 2. Bepaal de manier van aangifte doen

Je kunt op drie manieren aangifte doen bij de politie: op het bureau, telefonisch of via internet. Niet elke manier van aangifte doen, is geschikt voor elk strafbaar feit. Dat heeft vooral te maken met de ernst van het feit.

  • Bij mishandeling/bedreiging doe je altijd aangifte op het bureau. Dat kan op elk politiebureau. Je kunt hiervoor het beste een telefonisch een afspraak maken via het algemene telefoonnummer van de politie: 0900 – 8844.
  • Bij overige strafbare feiten waarbij (een signalement van) de dader bekend is, kun je ook aangifte doen op het bureau. In sommige gevallen is het mogelijk om telefonische aangifte te doen. Hiervoor bel je met het algemene telefoonnummer van de politie: 0900 – 8844.
  • Bij overige strafbare feiten waarbij de dader onbekend is, kun je in sommige gevallen via internet aangifte doen. Dat doe je via het tabblad ‘Aangifte doen’ op www.politie.nl. Je kunt ook anoniem aangifte doen of iets melden bij de politie.

7. Vier aangifteprocedures

Enkele tips vooraf

Laat weten dat de aangifte een publieke zaak betreft
Bij geweld en agressie tegen functionarissen met een publieke taak – dus ook onderwijspersoneel – krijgt de opsporing en vervolging van daders een hoge prioriteit. Het is dus van belang dat de politie weet dat je een publieke taak uitoefent. Zorg dat het in de aangifte wordt vermeld/aangevinkt.

Bepaal welke gegevens van de getroffene je laat opnemen in het dossier
Als een personeelslid aangifte doet als getroffene, kan hij ervoor kiezen het adres van de onderwijsinstelling op te geven in plaats van het eigen woonadres. Zijn privéadres blijft dan uit het dossier, zodat de (vertegenwoordiging van de) verdachte dit niet te weten komt.

Anonieme aangifte
Daarnaast hebben medewerkers met een publieke taak die slachtoffer of getuige zijn van een geweldincident tegenwoordig ook de mogelijkheid om anoniem aangifte te doen. Dat heet ‘aangifte onder nummer’. In dat geval is de naam van degene die aangifte doet, vervangen door een uniek nummer. Ook de adresgegevens worden dan niet vermeld.

Procedure 1: (een vertegenwoordiger van) de onderwijsinstelling als getroffene doet aangifte

  • Verzamel alle informatie die betrekking heeft op het incident (zie hoofdstuk 6, stap 1).
  • Kies op welke manier je aangifte wilt doen (zie hoofdstuk 6, stap 2).
  • Doe aangifte onder opgave van het adres van de onderwijsinstelling (‘domiciliekeuze’).
  • Zorg dat eventuele schade in de aangifte wordt opgenomen. Voor het verhalen van de schade kun je je voegen in het strafproces. De politie kan je hierover informeren.
  • Spreek duidelijk met de politie af hoe je wordt geïnformeerd over de voortgang van het eventuele strafproces en de zitting.

Procedure 2: (een vertegenwoordiger van) de onderwijsinstelling als betrokkene doet aangifte

  • Verzamel alle informatie m.b.t. het incident (zie hoofdstuk 6, stap 1).
  • Kies op welke manier je aangifte wilt doen (zie hoofdstuk 6, stap 2).
  • Doe aangifte onder opgave van het adres van de onderwijsinstelling (‘domiciliekeuze’).
  • Zorg dat eventuele schade in de aangifte wordt opgenomen.
  • Spreek duidelijk met de politie af hoe je wordt geïnformeerd over de voortgang van het eventuele strafproces en de zitting.

Procedure 3: de getroffene doet zelf aangifte

Ouders die aangifte willen doen van een zaak waarbij hun kind is getroffen, verwijzen wij graag naar Ouders & Onderwijs en/of de politie. De tekst hieronder is bedoeld voor onderwijspersoneel dat aangifte wil doen als getroffene.

  • Meld je werkgever dat je aangifte gaat doen.
  • Vraag je werkgever om ondersteuning bij de aangifte en eventueel ook bij de zitting.
  • Vraag je werkgever om ondersteuning bij het verhalen van schade en bij nazorg; bijvoorbeeld door de schade- en letselcoördinator van jouw organisatie. Je mag die steun verwachten.
  • Verzamel alle informatie over het incident (zie hoofdstuk 6, stap 1).
  • Kies op welke manier je aangifte wilt doen (zie hoofdstuk 6, stap 2).
  • Je hebt de mogelijkheid om aangifte te doen onder opgave van het adres van de onderwijsinstelling (‘domiciliekeuze’). Als je hiervoor kiest, laat dit dan ook aan je werkgever weten. Indien nodig kun je ervoor kiezen om anoniem aangifte te doen (zie eerder in dit hoofdstuk bij ‘enkele tips vooraf’).
  • Wijs de politie erop dat het gaat om de uitoefening van een publieke taak (zie eerder in dit hoofdstuk bij ‘enkele tips vooraf’).
  • Houd rekening met de mogelijkheid dat je opgeroepen wordt door de politie of door de rechter om je verklaring toe te lichten. De oproep ontvang je op het adres dat je hebt opgegeven bij de aangifte.
  • Zorg dat eventuele schade in de aangifte wordt opgenomen. Voor het verhalen van de schade kun je je voegen in het strafproces. De politie kan je hierover informeren.
  • Spreek duidelijk met de politie af hoe je wordt geïnformeerd over de voortgang van het eventuele strafproces en de zitting.
  • Je kunt gebruik maken van slachtofferhulp. De politie zal je hier ook op wijzen.

Procedure 4: (een vertegenwoordiger van) de onderwijsinstelling doet als werkgever aangifte namens het (getroffen) personeelslid

  • Verzamel alle informatie over het incident (zie hoofdstuk 6, stap 1).
  • Kies op welke manier je aangifte wilt doen (zie hoofdstuk 6, stap 2).
  • Vertel de politie dat je als werkgever aangifte doet omdat het gepleegde feit is gericht tegen de functie en/of het werk van het slachtoffer.
  • Doe aangifte onder opgave van het adres van de onderwijsinstelling (‘domiciliekeuze’). Indien nodig kun je ervoor kiezen om anoniem aangifte te doen (zie eerder in dit hoofdstuk bij ‘enkele tips vooraf’).
  • Wijs de politie erop dat het gaat om de uitoefening van een publieke taak (zie eerder in dit hoofdstuk bij ‘enkele tips vooraf’).
  • Zorg dat eventuele schade in de aangifte wordt opgenomen. Dit geldt zowel voor jouw schade als die van de werknemer. Voor het verhalen van de schade kun je je voegen in het strafproces. De politie kan je hierover informeren.
  • De politie zal je vertellen dat de werknemer gebruik kan maken van slachtofferhulp. Adviseer de werknemer hier op in te gaan.
  • Spreek duidelijk met de politie af hoe je wordt geïnformeerd over de voortgang van het eventuele strafproces en de zitting.
  • Informeer de werknemer over het verloop van het strafproces en laat weten dat hij/zij door politie of rechter gehoord kan worden als getuige.

Wij zijn Stichting School & Veiligheid. Wij ondersteunen scholen bij het bevorderen van een sociaal veilig klimaat. Dit doen wij door:

Creëer een sociaal veilige sfeer op school